Column

Speciaal voor deze site schrijft auteur Flip van Doorn regelmatig over zijn ervaringen als reisjournalist.

De Prael

't Mandje
't Mandje

Café 't Mandje. Legendarische kroeg aan de Amsterdamse Zeedijk. Eind februari zat ik er met m'n hoffotograaf Piet Hermans en twee Vlaamse collega's. 't Mandje is een van de tweehonderd plekken in mijn boek Amsterdam – 200 Plekken die je echt gezien moet hebben en wat mij betreft een van de beste hoofdstedelijke kroegen om buitenlandse gasten te ontvangen.

 

Bij binnenkomst viel mijn oog op een wervende tekst over een nieuw biertje. Tante Bet heet het, naar de al even legendarische Bet van Beeren die veertig jaar lang achter de tap van 't Mandje stond. Het was een twee weken eerder gepresenteerd. Op 12 februari, de geboortedag van Bet van Beeren. Ik bestelde een Tante Bet en kreeg het in een colaglaasje getapt. Zo dronk Bet haar biertjes vroeger ook, vandaar. Met mijn bestelling doneerde ik en passant 25 eurocent aan de stichting Vrienden van 't Mandje. Mijn Tante Bet was licht van kleur, de smaak deed in de verte denken aan witbier. Afkomstig uit de ketels van brouwerij De Prael aan de Oudezijds Voorburgwal.

 

Brouwerij De Prael? Oudezijds Voorburgwal? Nog geen half jaar tevoren was ik met de stofkam door de hoofdstad gegaan, op zoek naar plekken die een vermelding te midden van 199 andere Amsterdamse juweeltjes waard waren. Het bestond niet dat ik daarbij deze brouwerij over het hoofd had gezien.

Meteen na afloop van het rendez-vous ben ik erheen gewandeld. De medewerkers wisten me te vertellen dat De Prael haar deuren een paar maanden eerder had geopend. Een prachtige winkel in de historische binnenstad, erachter het brouwhuis. Daarnaast is de nieuwbouw van een proeflokaal in volle gang. Zestig mensen werken bij De Prael, de meesten met een psychiatrische achtergrond. Een ambachtelijke bierbrouwerij die kwetsbare mensen een mooie werkplek biedt. Daar zal ik vroeger of later ongetwijfeld een artikel aan wijden. En ik moet maar vast plaats inruimen in de tweede druk van Amsterdam – 200 Plekken die je echt gezien moet hebben.

De Burgemeester van Nederland

De Burgemeester bij 'zijn' plaatsnaambord
De Burgemeester bij 'zijn' plaatsnaambord

 

Een koude winterochtend in Nederland. De buurtschap Nederland, onder de rook van Blokzijl, dicht aangeschurkt tegen de Weerribben. Een straffe oostenwind waait over de weilanden. Aan de horizon stijgen dikke rookwolken op, daar wordt rietafval verbrand. Het vers geoogste riet staat op de velden, bijeengebonden in bundels. Heb je het bij riet ook over schoven? Geen idee. Daar komen we ook niet voor. Samen met fotograaf Piet Hermans ben ik hier om een reportage over Nederland te maken voor de Vlaamse krant De Standaard. We gaan de Vlamingen een serie mooie plekken in Nederland voorschotelen en we beginnen -als vanzelfsprekend- in Nederland.

 

Als we aan komen rijden vallen meteen de nieuwe plaatsnaamborden op. De vorige keer dat ik in Nederland was hingen er witgeschilderde houten planken. Met zwarte plakletters was de plaatsnaam erop aangebracht. Nu hangen er weer officiële borden. Wit, zoals gebruikelijke bij gehuchten en kleine kernen. De letters zijn echter niet zwart, of blauw, maar oranje. We stoppen om wat foto's te maken. De eerste inwoonster van Nederland die we aanspreken, vraagt of we voor de onthulling komen. Ze weet te vertellen dat de nieuwe oranje borden nog geen uur geleden zijn onthuld, door de burgemeester van Nederland. De Burgemeester van Nederland? Het dorp, tien huizen groot, blijkt elke twee jaar een burgemeester te kiezen uit de twintig inwoners. Een symbolisch erebaantje voor een dorpeling die namens de Nederlanders naar buiten treedt. En vandaag, op de verjaardag van de Vorstin van Nederland, heeft de burgemeester van Nederland in het bijzijn van een wethouder van de gemeente Steenwijkerland, enkele andere notabelen en vrijwel alle Nederlanders, de fonkelnieuwe borden officieel onthuld.

 

Het gezelschap blijkt net te zijn vertrokken naar café Greetien in Muggenbeet. Muggenbeet is het dorpje dat naast Nederland ligt. Nederland heeft geen café, Muggenbeet wel. In het café treffen we burgemeester Dick Bakker en de anderen aan de koffie. Ze vertellen dat de gemeente Steenwijkerland stapelgek werd van de diefstal van de plaatsnaamborden van Nederland. Die zullen menige kroeg of studentenkamer sieren. De gemeente is vijf jaar geleden gestopt met vervangen. De inwoners hadden toen zelf de houten borden in elkaar geknutseld, maar zelfs die werden gestolen. De Nederlanders hopen dat de opvallende nieuwe borden, 'hufterproof bevestigd', nu eens wat langer dan een maand zullen blijven hangen. De burgemeester is zo vriendelijk met ons mee terug te rijden naar zijn dorp. Met zijn ambtsketen om de nek poseert hij bij het naambord van zijn woonplaats. Zo trots als alleen de burgemeester van Nederland kan zijn.

Niets in Emmen

De Grote Kerk in Emmen
De Grote Kerk in Emmen

Goed, het liep tegen sluitingstijd. De deur was zelfs al op slot, maar de dames van de VVV in Emmen waren zo vriendelijk mij nog even binnen te laten. En misschien overviel ik hen een beetje met mijn vraag. Ik vertelde dat ik werkte aan het volgende deel in de 1000 Plekken-serie, Drenthe – 200 Plekken die je echt gezien moet hebben en vroeg of ze plekken in Emmen kenden die ik echt niet mocht missen. In plaats van een enthousiast verhaal, handenvol folders en een lange lijst aanbevelingen, kreeg ik slechts verbaasde blikken. Wat valt er nou te zien in Emmen?

Tsja, het Dierenpark natuurlijk”, zei de één. Haar kantoortje stond pal naast de hoofdingang van het Dierenpark.  

Daarna viel een korte stilte.

U zou eens binnen kunnen lopen in de Grote Kerk, daar is op het moment een expositie,” vulde de ander aan.

In zekere zin stelden hun antwoorden me gerust. Ze noemden precies de twee vermeldingen die de eer van Emmen in mijn boek met duizend bijzondere plekken in Nederland hooghielden. Maar dat zou toch niet alles zijn? De gemeente Emmen is veel groter dan de plaats alleen, en ik ging ervan uit dat de medewerkers van de VVV me ook konden bijpraten over de regio.

Het bleef angstaanjagend stil.

Tsja, ik kom hier oorspronkelijk niet vandaan,” verontschuldigde de één zich. Ze noemde de plaats waar ze was opgegroeid en zei erbij dat ze daar zo een lijst bezienswaardigheden kon opnoemen. Maar van Emmen?

Op dat moment had ik al een landschapskunstwerk aan de rand van Emmen bekeken. Ik had een van de tien hunebedden in de directe omgeving bezocht en een kijkje genomen in de kamer waar Vincent van Gogh enige maanden verbleef. Later zou ik me nog onderdompelen in de wonderschone leegte van het Bargerveen, me vergapen aan de ongerepte schoonheid van de dorpjes rond Schoonebeek, op zoek gaan naar de loop van het herstelde veenriviertje de Runde. Allemaal in de gemeente Emmen.

Uiteindelijk diepte een van de dames een foldertje op van een museumboerdeij in het naburige Nieuw-Dordrecht.

De eigenaar weet heel veel van de omgeving”, zei ze erbij. “Misschien moet u eens met hem gaan praten.”

Misschien moest ik dat maar eens doen.

500 kilometer van Parijs

500 kilometer van Parijs

We zijn op vakantie geweest. Een heerlijk plekje gevonden, op zo'n 500 kilometer van Parijs. In het grootste aaneengesloten loofbos van Europa hadden we onze tent opgeslagen, op een ruime en rustige natuurcamping. Op loopafstand lag een strandje, aan de oever van een langgerekt meer. Een paar kilometer verder pendelde een pontje naar de overkant, naar een uitgestrekt natuurgebied dat maar liefst twee nationale parken omvat en waar we eindeloos konden wandelen en fietsen. Luttele kilometers de andere kant op lag een enorm wildpark vol edelherten, wisenten, otters, bevers en andere bijzondere dieren. Iets verder, maar nog altijd op fietsafstand, een moerasgebied van 7000 hectare waar tientallen vogelsoorten broeden.

 

Het dichtstbijzijnde plaatsje heette Zeewolde. Juist ja, Zeewolde. We zaten in de Flevopolder, op 25 kilometer van ons huis. We hebben een baby van drie maanden, die 's avonds met papa of mama mee ging om lekker thuis in zijn eigen bedje te slapen. De ander bleef met de twee oudste kinderen op de camping. Vakantie vieren met kleine kinderen is niet zo moeilijk. Met een speeltuin en een zwemwatertje in de buurt, heb je aan de belangrijkste randvoorwaarden voldaan. Kamperen is een geweldig avontuur en met een paar campingvriendjes erbij is het vakantiegevoel helemaal compleet. En hoe flauw het misschien ook klinkt; als de kinderen tevreden zijn, zijn papa en mama dat ook. Zelfs in Zeewolde.

 

Maar ook campingburen zonder kleine kinderen konden alle kanten op. Natuurcamping De Dasselaar, van Staatsbosbeheer, ligt midden in het Horsterwold. De Stille Kern van dit bosgebied is helemaal verruigd en groot genoeg voor een dag struinen. In Natuurpark Lelystad en de Oostvaardersplassen kun je onbeperkt wild spotten. Na ruim veertig jaar is de natuur in Flevoland volwassen en doet in weinig onder voor de Veluwe. En over de Veluwe gesproken; vanaf de steiger van het pontje over het Veluwemeer is het nog maar zes kilometer fietsen naar Ermelo. De vissersdorpjes langs de Zuiderzee, de moderne architectuur van Almere, de landschapskunstwerken van Flevoland; alles ligt binnen handbereik.

 

Voor een lekkere vakantie hoef je niet anderhalve dag in de auto te zitten of met het vliegtuig weg. Geen autoroute, geen péage, geen zwarte zaterdagen of Bison Futé. Er ligt een prachtig vakantiegebied op zo'n 500 kilometer van Parijs. Ten noorden van Parijs, om heel precies te zijn. Het heet Nederland.

Het Gerendal, Plek 1000

In de orchideeëntuin
In de orchideeëntuin
'Een plek waar het paradijs zo gesitueerd kan worden', noemde Kees Bekker het Gerendal. Bekker is de winnaar van de wedstrijd die in de eerste druk van Nederland – 1000 Plekken die je écht gezien moet hebben aan Plek 1000 gekoppeld was. Lezers konden een plek voordragen die naar hun idee in het boek nog ontbrak. Ik ben hem eeuwig dankbaar dat hij het Gerendal als zijn Plek 1000 instuurde. Ik had eroverheen gekeken, maar het boek was niet compleet geweest zonder de vermelding van dit onwaarschijnlijk mooie bloemendal. 
Zuid-Limburg ken ik vrij goed. De weg van Gulpen naar Valkenburg heb ik meer dan eens gereden en het was me ook heus wel opgevallen dat de omgeving er prachtig is. Dat tussen de heuvels aan de zuidkant van die weg het betoverend mooie Gerendal verborgen ligt, was me echter ontgaan. En nu ik het weet, durf ik het bijna niet verder te vertellen. Hier moeten niet teveel mensen lucht van krijgen. Dit moet geen plek worden waar duizenden mensen zich verdringen om van de kwetsbare schoonheid te genieten. Tegelijkertijd wil ik niemand deze plek onthouden. Gelukkig mogen er geen auto's het dal in. Wie de bloemenweelde wil beleven, zal de moeite moeten nemen om de benenwagen of tenminste de fiets van stal te halen. Een verkenning te voet is veruit de beste optie. Dergelijk natuurschoon moet je stapsgewijs tot je nemen, je er langzaam door laten overspoelen. Het Gerendal is een grubbe, een droogdal. Het is vier kilometer lang, gemiddeld zo'n achthonderd meter breed, met hoogteverschillen van een meter of vijftig. De schrale kalkbodem verschaft de ideale leefomstandigheden voor talloze zeldzame bloemen, waaronder twintig soorten orchideeën. Hellingen glooien aan weerszijden omhoog. Achter een van de kammen zwoegen wielrenners de Keutenberg op. Aan de andere kant liggen de terrassen en gokhallen van Valkenburg, een groter contrast is haast niet denkbaar.
Hellingbossen, hoogstamfruitboomgaarden, holle wegen en veldkapelletjes maken de idylle in het mooiste bloemendal van Nederland compleet. Wat een plek! Reeën komen er voor, en dassen. Haviken cirkelen hun rondjes boven de graanvelden. En diep verborgen in de schoot van het dal ligt een orchideeëntuin. Geen aangelegde tuin, gewoon een stuk helling met een hek eromheen waar bezoekers zich kunnen vergapen aan de orchideeënsoorten die in dit dal voorkomen. Een ongekende groene weelde. Afgelopen Pinkstermaandag mocht ik in dat prachtige decor de tweede druk van Nederland – 1000 Plekken die je écht gezien moet hebben overhandigen aan Kees Bekker en aan Huub van Proemeren, degene die namens Staatsbosbeheer de orchideeëntuin beheert. Hun aanstekelijke enthousiasme maakte de tuin nog mooier. Huub van Proemeren voorzag de verschillende biotopen van deskundige ondertitels, de omgeving kwam tot leven. Het Gerendal is een van de kroonjuwelen van het boek geworden. Waar zo'n wedstrijd al niet goed voor kan zijn...   

De orchideeëntuin in het Gerendal is in mei en juni elke dag voor bezoekers geopend. Het dal zelf laat het hele jaar bezoekers toe, mits ze niet gemotoriseerd zijn.